dinsdag 22 mei 2018

Magazine gelezen: Charlie Magazine

Charlie Magazine
Fuck fake. Zo luidt de ondertitel van Charlie Magazine, een Vlaams lifestyleblad dat zichzelf als uitdagend en taboeloos omschrijft. Charlie publiceert onafgebroken nieuwe content op de gelijknamige site en verschijnt twee keer per jaar in print. Ik kocht de recentste papieren editie met als thema Leve de loser.

Charlie, de naam passeerde al verschillende keren op mijn Facebooktijdlijn. Het algoritme vindt dat we bij elkaar passen. Ik werd me pas echt van de site en het blad bewust toen hoofdredactrice Jozefien Daelemans op televisie sprak over haar smartphone-verslaving. Ze raakte ervan af en schreef erover. Interessant thema en interessante madam, dacht ik. En dat vind ik nog steeds na het lezen van het loser-nummer. Nog zo’n thema waar mensen van wakker liggen. Want wie wil er nu een loser zijn?

Charlie Magazine
Alles is kunst, ook verliezen.
Het cv van je leven
Iedereen weet hoe het voelt om te falen. Je zakt voor een examen, vergeet je tekst op het podium of grijpt net naast die fantastische baan. Shit in ’t kwadraat enzo. En vervolgens zoek je een gat in de grond om voor altijd te verdwijnen. De wereld is gemaakt voor winnaars. Meer nog: de wereld is geobsedeerd door winnaars. Ook tijdschriften staan er vol van en dat stoort me mateloos (zie mijn review van Flow en Monocle).

Voor winnaars is falen een verkeersdrempel op de weg naar succes. In het echte leven draait het soms anders uit. Sommige drempels blijken een heuse muur te zijn waar je keihard tegenaan knalt. Opnieuw en opnieuw en opnieuw. Het is wat het is. Een zwarte vlek op het cv van je leven.

Charlie Magazine
Normcore, de fashion trend voor hippe losers 
To lose or not to lose
So what, zegt Charlie. Omarm het loserschap. Het nummer rijgt met veel panache de losers aan elkaar. Asielhonden die nooit worden gekozen, check! Vrijgezellen die met datingsapps niet aan een lief raken, check! Of rokers, check en check en dubbelcheck! Ooit staken de hipste kerels en grieten van je klas een sigaret in hun mond. Roken was cool. Met de nadruk op was. Na jaren van anti-campagnes zijn sigaretten not hot. En rokers, dat zijn de losers van vandaag.

De winnaars van vandaag zijn de losers van morgen, en andersom. Het is maar hoe je het bekijkt. Of beter gezegd: het is maar hoe jij door de ander wordt bekeken. In eerste instantie word je door de ander als loser gezien omdat je niet in een conventioneel plaatje past. Zodra je zelf in die veroordelende blik gelooft, is je loserschap compleet.

De Charlie-oplossing voor het probleem is simpel. Stel je weerbaar op. Aanvaard dat je soms hard op je bek gaat. En ga verder. Kun je er iets van leren? Tof. Kun je er niets van leren? Ook goed. Zet het loserschap naar je hand. Maak er een kroon van die je met trots draagt.

Charlie Magazine
Love is a losing game voor wie op datingapps rekent 
Opgestoken middelvinger
Charlie introduceert een verfrissende toon en stijl in de journalistieke wereld. Het magazine lanceert een rits, veelal vrouwelijke, journalisten die niet bang is om zichzelf te laten zien. Hun ik en hun beleving maken integraal deel uit van de artikels en opiniestukken. En dat werkt prima in een nummer over losers. Dankzij die aanpak verenigt Charlie het beste van twee werelden: de strakke redactionele lijn van een mainstream magazine en de unieke, menselijke insteek van een blog.

Fuck fake? Reken maar van yes. Al hangt er aan die opgestoken middelvinger van Charlie een gevoelige en weloverwogen pen.

Titel – Charlie Magazine
Verantwoordelijke uitgever – Jozefien Daelemans
Genre – Lifestyle
Taal – Nederlands
Frequentie – 2 keer/jaar
Pagina's – 162
Prijs – 9,90 euro

Charlie Magazine
Test je innerlijke loser
Meer reviews lezen? Klik hier

dinsdag 15 mei 2018

Publiceren in een literair tijdschrift – een handleiding

Literaire tijdschriften
Je hebt hard gewerkt aan een tekst en wilt hem publiceren in een literair tijdschrift. Een schitterend voornemen. Maar hoe begin je daaraan? Als schrijver en ex-redacteur van een literair tijdschrift deel ik graag mijn ervaring met jou. Wat zijn de belangrijkste do’s-en-don’ts? In dit blogbericht vind je 5 onmisbare tips voor een strak plan van aanpak. Publiceren in een literair tijdschrift? Dat doe je zo.

1. Schrijf een goede bijdrage
Alles begint met een goede tekst. Hoe doe je dat? Lees en schrijf veel. Meer informatie daarover vind je in mijn handleidingen over lezen en schrijven.

Hoe weet je of een tekst klaar is voor publicatie? Daar bestaat geen succesrecept voor. Je moet het voelen. En ja, ik weet dat voelen een vreselijk woord is. Want hoe gaat dat dan? Jaagt een of andere godheid van de literatuur een bliksemschicht door je bloedbaan als je tekst perfect is? Nou nee, dat zou makkelijk en tegelijkertijd gruwelijk zijn.

Als auteur moet je het idee hebben dat je zelf niets meer aan je tekst kunt veranderen. Heb je dat gevoel niet, dan is je bijdrage waarschijnlijk niet klaar voor publicatie. Vraag om feedback aan een vriend of leg je tekst een tijdje weg om hem daarna met een frisse blik te bekijken. Schrijf en herschrijf net zolang tot je denkt: nu is het af!

Weet dat de meeste redacties van literaire tijdschriften bijna volledig op vrijwilligers draaien. Het gaat vaak om mensen die er, naast hun literaire engagement, een betaalde baan op nahouden. Denk daaraan als je met veel enthousiasme een half afgewerkte bijdrage indient. Het staat je vrij om halfweg het schrijfproces feedback te vragen, maar de kans dat je die krijgt is klein. Het ontbreekt de meeste redacties aan tijd om auteurs intensief te begeleiden.

Houd er rekening mee dat een redactie een andere mening over je tekst kan hebben. Het is uitzonderlijk dat een bijdrage zonder enige feedback in een nummer wordt opgenomen. Maar dat maakt publiceren nu net zo interessant. Dankzij die feedback leer je kritisch naar je eigen werk kijken. Als schrijver word je daar alleen maar beter van.

Enveloppe
Denk goed na over welke tekst je opstuurt naar een literair tijdschrift
2. Dien één bijdrage in
De mailbox van een literair tijdschrift is geen vuilbak. Bij redacties zinkt de moed in de schoenen als een auteur dertig gedichten of tien kortverhalen opstuurt met als begeleidend bericht: kies maar welke jullie goed vinden. Dat getuigt van weinig respect voor een redactie en (nog erger) voor je eigen werk.

Een veelgehoord schrijfadvies is: wik en weeg je woorden. Dat advies kun je ook gebruiken wanneer je een literair tijdschrift contacteert. Wik en weeg je teksten. Bij welk verhaal, gedicht of essay denk jij het vaakst: die wil ik graag in een tijdschrift zien staan? Stuur bij voorkeur alleen het stuk bovenaan jouw lijstje op. Je kans op succes – een publicatie of feedback – is met een weloverwogen bijdrage groter dan wanneer je een redactie met meerdere teksten overstelpt.

3. Kies het juiste tijdschrift
Elk magazine heeft een eigen gezicht. Voor literaire tijdschriften is dat niet anders. Leer ze kennen. Pluis hun websites uit. Of beter nog: koop en lees ze. Op die manier krijg je een goed beeld van de genres en auteurs die in een specifiek tijdschrift aan bod komen. Het heeft geen zin als debuterend auteur een tekst op te sturen naar een tijdschrift dat geen vrije inzendingen aanvaardt. Stuur geen essay naar een blad dat gedichten uitgeeft. Als de redactie vraagt om teksten van maximum 2 500 woorden, houd daar dan rekening mee. Over honderd woorden meer zal niemand moeilijk doen, over duizend wel.

Kwaliteit primeert op kwantiteit, altijd. Stuur je bijdrage niet op naar zoveel mogelijk tijdschriften in de hoop dat er toch wel eentje tot publicatie zal overgaan. Tenzij je graag door afwijzingen wordt overspoeld. Nooit leuk, zelfs al heb je een dik schrijversvel. Mik je literaire pijlen op de juiste roos. Als een redactie merkt dat je hebt nagedacht over je tijdschriftkeuze, stijgt je kans op succes. Met ‘nagedacht over’ bedoel ik niet dat je in je begeleidende mail die keuze uitgebreid motiveert. Laat in de eerste plaats je tekst spreken. Een redactie kent het DNA van het blad en voelt meteen of jouw tekst daarbij aansluit of niet.

Bernard-Massard
Een publicatie moet je vieren
4. Snap waarom een blad je bijdrage publiceert
Je hebt een tekst geschreven en bij het juiste tijdschrift ingediend. Een paar weken of maanden later ontvang je fantastische nieuws: je bijdrage verschijnt in het volgende nummer. Je waant je vijf seconden lang de volgende winnaar van de Nobelprijs, gaat vervolgens terug met beide voeten op de grond staan en belt je moeder, vader en beste vriend met het goede nieuws.

Je zit vol goede schrijversmoed en denkt: op naar die volgende tekst, een volgende publicatie en een volgende succes. Van een creatieve flow gesproken! Maar … wacht eens even. Tel tot drie, haal diep adem en kijk achterom. Vervelend, ik weet het. Maar van achterom kijken, leer je veel bij. Bekijk die nakende publicatie nog eens van dichtbij. Probeer te begrijpen waarom een redactie voor jouw tekst viel. Gebruik die kennis in je volgende tekst.

Hetzelfde geldt voor slecht nieuws: je krijgt bericht dat je bijdrage niet wordt gepubliceerd. Je waant je vijf seconden lang de slechtste schrijver op aarde, gaat op zoek naar een gat in de grond en sluit je op in je zolderkamertje. Opnieuw: tel tot drie enzo. Vraag je af waarom jouw bijdrage het niet haalde. In het beste geval motiveerde de redactie de afwijzing. Beschouw feedback als een compliment. De redactie zag het potentieel van je tekst, maar vond dat er aan de uitvoering iets schortte. Ga ermee aan de slag. Herschrijf je tekst en bied hem op een later moment opnieuw voor publicatie aan bij hetzelfde of een ander tijdschrift.

5. Beschouw elke publicatie als een kers
Publiceren is leuk, een beetje zoals een kers op een slagroomtaart. Je schrijvershart maakt een sprongetje als je jouw tekst op een literaire site of in een literair tijdschrift ziet staan. Waarom? Omdat je hoopt dat het plezier dat je aan het schrijven beleefde, zal overslaan op een groep lezers die je op je eentje niet zou bereiken.

Tegelijkertijd is het belangrijk dat je een publicatie relativeert. Je tekst viel in die smaak van één redactie. Leuk, maar wat dan nog? Weet dat je tekst het misschien niet zou gehaald hebben als de redactie uit vijf andere mensen bestond. Elke publicatie een subjectieve mening van een al even subjectieve redactie (en dat bedoel ik niet negatief).

Redacties verdelen de kersen, of anders gezegd de publicatiekansen. Maar schrijvers houden de slagroomtaarten, ofwel de teksten, vast. En zeg nu zelf: als je mag kiezen, ga je dan voor één kers of voor een ganse slagroomtaart? Ik zou het wel weten.

Het belangrijkste is dat je plezier beleeft aan het schrijven zelf. Waardeer niet alleen het eindresultaat van je werk, maar ook de weg ernaartoe. Weet dat je met elke tekst die je afwerkt (en publiceert) ook iets afsluit. De volgende dag ligt er opnieuw een wit blad voor je neus. Meet jouw schrijfsucces en -plezier niet af aan het feit of je wel of niet wordt uitgegeven. Ben jij een schrijver? Een redactie van een literair tijdschrift zal daarover een mening hebben, maar het definitieve antwoord op die vraag ligt altijd op jouw lippen.

Aardbei
Wegens een schromelijk gebrek aan kersen in mijn koelkast neemt deze aardbei de honneurs waar
Werken mijn tips (niet) voor jou? Laat het me weten. Deel ook jouw publicatietips als je vindt dat ik iets over het hoofd heb gezien. Ik ben benieuwd naar jouw ervaringen.

Meer handleidingen lezen? Klik hier.

dinsdag 8 mei 2018

Boek herlezen: Good Morning, Midnight van Jean Rhys

Jean Rhys
Well, sometimes it’s a fine day, isn’t it? Sometimes the sky is blue. Sometimes the air is light, easy to breathe. And there is always tomorrow … 
*

Ik voel me leeg. Ik ben mijn woorden kwijt. Door een boek. Good Morning, Midnight van Jean Rhys. De remedie tegen schrijversblok is … schrijven. Krijg nou wat, denk ik dan. Maar het klopt. Stoppen met schrijven doe je alleen als je stopt met schrijven. Nog een tip: zit je vast met een verhaal, schrijf het op zoals je het aan je beste vriend op café zou vertellen. Ook dat werkt. Soms. 

Een tijdje terug zat ik op café met de vriendin die me het werk van Jean Rhys leerde kennen. Ik vertelde haar dat ik Good Morning, Midnight voor de tweede keer aan het lezen was. En dat ik bijna gek werd van de eenzaamheid in dat boek. Pagina na pagina wordt het hoofdpersonage Sasha Jansen uitgebuit, miskend, afgewezen, ontkend of misbruikt. Soms door vrouwen, meestal door mannen, altijd door mensen. ‘Ik draag Good Morning, Midnight al mijn hele leven mee,’ bekende mijn vriendin. En tijdens het lezen had ze gehuild. Dat herhaalde ze wel twee keer.

*

Good Morning, Midnight speelt zich af in Parijs tijdens het interbellum. Als vrouw lag je toekomst toen bij je geboorte vast. Je werd echtgenote, arbeidster, moeder, minnares of prostituee. Sasha Jansen slaagt er niet in één van die rollen met succes te vervullen. Haar kind sterft kort na de geboorte. Een baan houdt ze nooit langer dan een paar weken vol. Elke relatie die ze aanknoopt loopt op de klippen. Zelfs de gigolo die ze inhuurt, laat haar stikken. De enige die haar nooit afwijst is de stad, denkt ze. Parijs geeft haar straten om te wandelen en een dak boven het hoofd.

En Sasha Jansen wandelt, want wie wandelt is ergens naar op weg. Ze gaat naar de kapper, zoekt een hoed uit en koopt nieuwe kleren. Haar toekomst zal anders en beter zijn. Ja, daar gelooft ze echt in. Ook al valt die toekomst, elke keer weer, in haar nadeel uit. Ze eindigt alweer dronken op café. Ze heeft alweer geen geld voor eten. Ze ontmoet een man die haar alweer in de steek laat. En met dat dak boven haar hoofd gaat het niet veel beter. Een eigen huis is voor Sasha Jansen een utopie. Ze leeft op hotel. Ze droomt van kamers waar de lakens meerdere keren per dag worden ververst. Dat is haar idee van luxe, van geluk. Maar haar precaire financiële situatie dwingt haar meer dan eens te verhuizen. Bij elke verhuizing komt ze in een goedkoper hotel terecht.

*

Niet alleen mensen, ook de stad wijst Sasha Jansen af of, erger nog, negeert haar. Ze kan maar beter verdwijnen, oplossen in de vuile lakens van haar bed. En dat is precies wat ze soms wenst. Om tegen iedereen te zeggen: ik ben ermee weg. Maar ze is er. Haar lichaam is er, ligt op dat bed. Ze moet er, willens nillens, zijn. Of om het met haar eigen woorden te zeggen: I’m here because I’m here because I’m here.

Good Morning, Midnight is het verhaal van een vrouw zonder stem, een vrouw zoals er in die tijd wel meer waren. Wie niet in een hokje paste, viel buiten de maatschappij. Met haar roman gaf Rhys vrouwen zoals Sasha Jansen niet alleen een stem, maar ook een gezicht, een lichaam en een leven. Een feministische roman? Zeker, maar veel meer dan dat. Good Morning, Midnight geeft buitenstaanders een eigen verhaal en bestaansrecht.

Jean Rhys
De eerste pagina van Good Morning, Midnight
En daar heb ik geen woorden voor. Geen woorden voor het verhaal van Sasha Jansen, en evenmin voor dat van Jean Rhys zelf. Wie haar biografie leest, ontdekt een ontstellend aantal parallellen tussen haar leven en dat van haar hoofdpersonage. Ook Rhys verhuisde verschillende keren in haar leven en had een drankprobleem. Ook Rhys prostitueerde zich uit geldnood en liet zich door foute mannen verleiden. Als het op miserie aankomt, overtreft haar verhaal dat van Sasha Jansen. Na een uit de hand gelopen conflict met een buur belandt ze zelfs kort op de ziekenboeg van de Holloway gevangenis.

Op haar zestiende verhuisde Rhys van het vulkanische eiland Dominica naar Engeland. De cultuurshock is ze nooit te boven gekomen. Haar leven lang voelde ze zich een buitenstaander. De normen en waarden van de Britse maatschappij kreeg ze niet onder de knie. De melancholie van Sasha Jansen was de hare. De stap naar een depressie was klein. Na de publicatie van Good Morning, Midnight in 1939 verdween ze van het literaire toneel. Ze was niet langer in staat een normaal leven te leiden – als ze dat al ooit had gekund.  

*

Begin jaren vijftig bewerkte de actrice Selma Vaz Dias Good Morning, Midnight als hoorspel voor de Britse radio. Voor de uitzending had ze de toelating van Rhys nodig. Niemand wist waar ze uithing. Kwatongen beweerden dat ze zichzelf van kant had gemaakt door in de Seine te springen. Vaz Dias plaatste een bericht in de krant om haar op te sporen. En ze kreeg reactie van Rhys zelf. Ze leefde nog, en hoe! Ze woonde nog steeds in Engeland en sukkelde van adres naar adres met een foute man aan haar zijde. Met schrijven was ze nooit opgehouden. Ze werkte aan een nieuw manuscript.

Dankzij de adaptie van Good Morning, Midnight verwierf Rhys bekendheid bij een nieuwe generatie lezers. Haar oeuvre werd heruitgegeven en na veel zuchten, puffen, zweten en herschrijven raakte ook dat nieuwe manuscript af. Na een publicatiepauze van 27 jaar verscheen in 1966 Wide Sargossa Sea. Een verhaal met opnieuw een buitenstaander als hoofdpersonage. Voor Wide Sargossa Sea kreeg Rhys eindelijk de erkenning en prijzen waar ze al vanaf het begin van haar carrière op had gehoopt. Op het late succes dat haar ten deel viel, reageerde ze laconiek met:  ‘It has come too late.’

Jean Rhys
Meer lezen? Klik hier

dinsdag 1 mei 2018

Lezer gevonden: An Leenders

An Leenders
In de rubriek Lezer gevonden leg ik één keer per maand een gepassioneerde lezer op de rooster. Wie zijn ze? Wat doen ze? En vooral: hoe doen ze het? Deze maand is het de beurt aan An Leenders. An is directrice van Creatief Schrijven – een open huis voor iedereen die schrijft of wil schrijven. Welk boek moet je volgens haar in 2018 zeker lezen? In dit interview kom je het te weten.

Wat is het eerste boek dat je las?
Wipneus en Pim, hangend aan de lippen van kleuterjuf Lea. Het eerste boek dat ik zelf las was iets met een kabouter. Hij heette Pim, geloof ik.
Wat is je favoriete moment van de dag om te lezen?
Na het middageten, als dessertje.
Wat is je favoriete plaats om te lezen?
Op een warm plekje in de zon. In de vakantie geniet ik dubbel: hoofd helemaal leeg en alle zintuigen op scherp. Zo komt elke zin helemaal binnen.
Wat is het laatste boek dat je cadeau kreeg?
De muze en het meisje van Katrijn Van Bouwel.
Wat is het laatste boek dat je cadeau gaf?
Dochter van Lenny Peeters.
Maak je aantekeningen en ezelsoren in boeken?
Zinnen en passages die me raken duid ik aan met potlood.
Rangschik jij je boeken alfabetisch?
Nee, op kleur.
Welk personage zag je liever sterven?
Gerard De Vreese uit De Verjaardag van Dimitri Casteleyn doet een moederhart bloeden.
Welk personage zag je liever in leven blijven?
Anna Karenina uit de gelijknamige roman van Tolstoj.
Heb je ooit een boek geleend en nooit teruggeven?
Oeps, ja. Onder andere Zes maanden in de Siberische wouden van Sylvain Tesson.

Library at the Lake
An leest graag op vakantie op een warm plekje in de zon. Een ruilboekenkast komt dan goed van pas.
Boeken kopen of boeken lenen?
Toch eerder kopen en dan doorgeven.
Welk boek neem je mee naar een onbewoond eiland?
Ik zat op het dak van Daniil Charms.
E-reader of papier?
Geef mij maar het tactiele, papier voelen en ruiken.
Met welk personage wil je de lakens delen?
Tomas uit De ondraaglijke lichtheid van het bestaan.
Met welk personage wil je op café?
Pirsig, auteur van en hoofdpersonage in Zen en de kunst van het motoronderhoud.
Welke klassieker krijg je maar niet uitgelezen?
De Toverberg van Thomas Mann.
Welke zin had je zelf graag geschreven?
Momenteel ben ik bezig in De avond is ongemak van Marieke Lucas Rijneveld. Daarin staan heel wat pareltjes. Wat een talent!  
Ken je een dichtregel uit het hoofd?
Ja, meerdere. Ik vind het fijn mijn hoofd daarmee te vullen, zoals deze:
Ik voel me ozo heppie,
zo heppie deze dag.
Uit Ozo heppie van Joke van Leeuwen.
Boekenclubs: yay or nay?
Yay!
Zelfhulpboeken: yay or nay?
Why not?
Eet of drink je tijdens het lezen?
In de winter graag een koffie verkeerd. In de zomer een glaasje witte wijn.
Heb je een mening over kookboeken?
Het leven is goed als je kunt eten en drinken.
Welke film is beter dan het boek?
Geef mij maar het boek en de vrijheid van de verbeelding.

Daniil Charms
Ik zat op het dak van Daniil Charms, het ideale gezelschap voor An op een onbewoond eiland.
Welk boek wil je graag verfilmd zien?
De cirkel van Dave Eggers. Bijzonder actueel!
Kun je in een rijdende auto lezen?
Nee, ik luister dan liever naar één van de fantastische sprookjes van Het Geluidshuis.
Het boek met de mooiste titel ooit is …
The Hitchhiker's Guide to the Galaxy van Douglas Adams.
Het boek met de mooiste cover ooit is…
Catch 22 van Joseph Heller of Het geheim van de keel van de nachtegaal van Peter Verhelst en Carll Cneut.
Lees je één boek per keer of verschillende tegelijkertijd?
Meestal een roman en dichtbundel samen of een roman en een non-fictie boek.
In welke taal zou je graag kunnen lezen?
Perzisch.
Welk boek moet iedereen in 2018 lezen?
Wil van Jeroen Olyslaegers en Waarom iedereen altijd gelijk heeft van Ruben Mersch.
En de literatuur, hoe is het daarmee gesteld volgens jou?
May you live in interesting times, luidt een Chinees gezegde, en daar zitten we volop in. Ik geloof sterk dat digitalisering een groeikans aan literatuur biedt. Ik zie naast gevestigde namen ook veel jong talent, in diverse literaire genres, op en naast het podium, een eigen stem en weg zoeken. Ik onderschrijf dan ook volledig wat Erasmus zei: ‘Uit al dit gewoel zal één ding blijven: een goed boek.’

Jeroen Olyslaegers
Een leestip van An voor 2018: Wil van Jeroen Olyslaegers. 
Meer interviews lezen? Klik hier